De richtlijnen inzake procedurele rechten van verdachten en beklaagden: een constitutioneel perspectiefPromovendus: Dhr. G. Dipietro
Promotor: Mw. Dr. E. Muir
Duur: 1/10/2025 - 30/9/2029
Abstract:
Mijn onderzoek beoogt een originele top-down constitutionele analyse van de zes EU-richtlijnen betreffende de procedurele rechten van verdachten en beklaagden, die door de EU-wetgever zijn aangenomen tussen 2010 en 2016. De impact van deze richtlijnen inzake procedurele rechten is ongekend, zowel wat betreft de omvang van de harmonisatie van grondrechten, de codificatie van de rechtspraak van het EHRM, als de mate van inmenging in een kerngebied van nationale soevereiniteit zoals het strafrecht. De analyse richt zich op de impact van harmonisatie op: de reikwijdte van de EU-grondrechten van verdachten en beklaagden; de wisselwerking tussen de bronnen van bescherming van de grondrechten van verdachten en beklaagden; de diversiteit van de nationale strafrechtsstelsels inzake de bescherming van de grondrechten van verdachten en beklaagden.